stof op sensor

Stof op je sensor: zo zie je het en zo kom je ervan af

6 min leestijd

Je komt terug van een dag aan de kust met een kaart vol landschappen. Strakke luchten, veel f/16. Thuis in Lightroom zie je ze pas: een handvol grijze vlekjes, in elke foto op precies dezelfde plek. Dat wordt honderd keer wegstempelen. Stof op je sensor merk je zelden tijdens het fotograferen, maar altijd op de avond dat je een serie wilt afmaken. Het goede nieuws: je kunt in een minuut controleren hoe je sensor ervoor staat, met niets meer dan een testfoto en je browser. Hieronder: wat die vlekjes zijn, hoe je de testfoto maakt en wanneer reinigen echt nodig is.

Hoe komt stof op je sensor?

Stof op je sensor bestaat uit deeltjes, denk aan stof, pollen of een vetdeeltje, die bij het wisselen van lenzen binnenkomen en op het filterglas vóór de sensor landen. Je ziet ze als wazige donkere vlekken die in elke foto op dezelfde plek zitten, vooral bij kleine diafragma's als f/16.

Elke keer dat je een lens wisselt, staat de vatting van je camera open en komt er buitenlucht binnen. Die lucht neemt stof mee, en een deel daarvan landt op het filterglas voor je sensor. Zoomlenzen doen er nog een schepje bovenop: bij het in- en uitzoomen verplaatsen ze lucht, en die moet ergens heen. Bij systeemcamera's ligt de sensor bovendien open en bloot zodra de lens eraf gaat: er zit geen spiegel meer voor.

De meeste camera's schudden hun sensor bij het aan- of uitzetten even ultrasoon schoon. Dat werkt voor losse deeltjes, maar niet voor alles. Pollen, een vetdeeltje of een minuscule druppel plakt vast en blijft zitten. Die zie je terug als wazige donkere plekken, altijd op dezelfde positie in het beeld.

Waarom je stof op je sensor bijna nooit ziet

Het gekke is: een sensor vol stof kan wekenlang onzichtbaar blijven. Dat komt door je diafragma. Stof ligt niet óp de pixels maar op het filterglas, een fractie van een millimeter erboven. Fotografeer je op f/1.8 of f/2.8, dan valt het licht van alle kanten om zo'n deeltje heen en vervaagt de schaduw tot niets. Portret- en reportagefotografen kunnen daardoor jaren rondlopen met een vieze sensor zonder er iets van te merken.

Sluit je af naar f/11, f/16 of f/22, dan wordt de lichtbundel smal en tekent elk deeltje een scherpe schaduw op de sensor. Daarom duikt sensorvuil altijd op in landschappen, architectuur en macro, precies de genres waar je kleine diafragma's gebruikt. Hoeveel je diafragma verder beïnvloedt, reken je na met de scherptediepte-calculator. En daarom maak je een testfoto ook op het kleinste diafragma dat je lens heeft: je wilt álles zien wat er zit, ook wat nu nog net onzichtbaar is.

Zo maak je de testfoto

Je hebt een egaal vlak nodig. Een witte muur werkt, een strakblauwe lucht ook, en een wit beeldscherm op volle helderheid kan eveneens. Zet je camera op diafragmavoorkeuze en kies f/16 of f/22, met de laagste ISO die je camera heeft. De belichting mag de camera zelf regelen; een tikje overbelichten met +1 belichtingscompensatie helpt zelfs, want op een licht vlak zie je stof beter dan op een grijs vlak.

Dan de belangrijkste stap: zet je lens op handmatige focus en draai hem volledig onscherp. Het klinkt tegennatuurlijk, maar je wilt de muur juist níet zien. Elke structuur in het vlak, van muurtextuur tot wolkjes, kan voor stof worden aangezien. Vlak voor de muur staan met de focus op oneindig werkt goed. Beweeg de camera gerust een beetje tijdens de opname; wat je fotografeert mag vervagen, het stof beweegt netjes mee met de sensor en blijft scherp. Sla op als JPEG, want RAW-bestanden kan een browser niet lezen.

Samengevat:

  1. Zoek een egaal vlak: witte muur, blauwe lucht of een wit scherm.
  2. Diafragmavoorkeuze, f/16 of f/22, laagste ISO.
  3. Belichtingscompensatie +1.
  4. Handmatige focus, volledig onscherp gedraaid.
  5. Opslaan als JPEG en uploaden.

Van testfoto naar oordeel

Vroeger opende je zo'n testfoto in Photoshop en trok je de levels-schuiven naar elkaar toe tot het stof zichtbaar werd. Dat kan nog steeds, maar het kan ook zonder software. Ik heb er een gratis tool voor gebouwd: de sensorcheck. Je sleept je testfoto de pagina op en de tool doet de rest: hij rekent het lichtverloop en de vignettering weg, rekt het contrast automatisch op en markeert elke gevonden stofplek met een cirkel.

Je krijgt een telling, de grootte van de grootste plek en een oordeel: schoon, licht vervuild of reiniging aanbevolen. Met een schuif bepaal je hoe streng de meting is, van alleen duidelijke vlekken tot het fijnste stof. Klik op een vlek en je ziet hem uitvergroot naast het origineel. Alles gebeurt in je eigen browser; je foto wordt nergens geüpload. De tool leest ook de EXIF-gegevens mee en waarschuwt als je testfoto op een te groot diafragma is gemaakt.

Eerste hulp: het blaasbalgje

Is het resultaat niet om over naar huis te schrijven, begin dan met het minst spannende gereedschap dat er is: een blaasbalgje van een paar euro. Kies in het menu van je camera de reinigingsstand, zodat spiegel of sluiter uit de weg gaat en de sensor vrij ligt. Houd de camera met de opening naar beneden, zodat losgeblazen stof eruit valt in plaats van erin, en geef een paar stevige pufjes.

Twee dingen om nooit te doen. Gebruik geen perslucht uit een spuitbus: het drijfgas kan condenseren op je sensor en dan ben je verder van huis. En raak de sensor nergens mee aan, ook niet met dat borsteltje dat toevallig in je tas zit. Maak na het blazen een nieuwe testfoto en vergelijk. In veel gevallen is het grootste deel van het stof dan al weg, en herhaal je dit ritueel gewoon af en toe.

Sensor reinigen: zelf doen of laten doen

Blijven er na het blazen plekken op dezelfde plaats zitten, dan is het vuil vastgeplakt en helpt blazen niet meer. Dan rest een natte reiniging: een swab met reinigingsvloeistof die in één beweging over de sensor gaat. Dat kun je zelf doen met een setje in de juiste maat voor jouw sensor, maar het blijft precisiewerk op het duurste en gevoeligste onderdeel van je camera. Kras je het filterglas, dan kijk je tegen een flinke reparatie aan.

Ik breng mijn camera's daarom naar Chipclean in Overasselt. Op afspraak, en je camera is klaar terwijl je wacht, inclusief controle achteraf. Een professionele reiniging is een fractie van de prijs van een beschadigde sensor, en je weet zeker dat het goed gebeurt. Woon je niet in de buurt, zoek dan een cameraservice die sensorreiniging als specialiteit voert en niet als bijzaak.

Zo voorkom je stof op je sensor

Helemaal voorkomen kun je stof niet, elke camera verzamelt het. Maar je kunt het flink vertragen. Wissel lenzen met de vatting naar beneden en uit de wind; een portiek of je jas werkt prima als windscherm. Zet je camera uit voordat je wisselt, want een sensor onder spanning trekt stof aan als een televisiescherm. Leg een body nooit open weg: direct de volgende lens erop of een bodydop. En maak er een gewoonte van je tas af en toe uit te kloppen, want daar komt meer stof vandaan dan je denkt.

De belangrijkste gewoonte is misschien wel de simpelste: check je sensor voordat het ertoe doet, niet erna. Om de paar maanden een testfoto, en altijd even voor een grote klus of een reis. Dan is een vieze sensor nooit meer een verrassing achteraf, maar gewoon een onderhoudsklusje dat je ziet aankomen.

Check je sensor nu

Pak je camera, zoek een witte muur en maak die ene testfoto op f/16. Sleep hem in de sensorcheck en je weet binnen een minuut of je kunt blijven fotograferen, of dat het blaasbalgje uit de tas mag. Gratis, zonder account, en je foto blijft gewoon op je eigen apparaat.

Ontdek ook de tools die bij dit onderwerp horen:

Alle tools Belichtingstools Planningstools Zakelijke tools

← Terug naar alle tips