Hoeveel foto's passen er op een geheugenkaart?

4 min leestijd
Hoeveel foto's passen er op een geheugenkaart?

Hoeveel foto's passen er op een geheugenkaart?

Het is een van die vragen die je jezelf stelt op het slechtste moment. Je staat ergens, je hebt net een mooie reeks gemaakt, en je camera geeft aan dat er nog 47 opnames over zijn. Is dat genoeg? Moet ik nu al wisselen? Heb ik een tweede kaart bij me?

Ik heb die situatie een paar keer meegemaakt. Niet omdat ik onvoorzichtig ben, maar omdat ik niet precies wist wat ik kon verwachten van de kaart die erin zat. Ik wist de capaciteit, maar niet wat die capaciteit betekende in de praktijk.

Dat is precies waar het mis gaat bij de meeste fotografen. Ze kopen een geheugenkaart op basis van capaciteit, 64 GB of 128 GB, zonder te weten hoeveel foto's dat oplevert met hun specifieke camera en instellingen.

Waarom het antwoord ingewikkelder is dan je denkt

Een geheugenkaart slaat bytes op. Een foto neemt een bepaald aantal bytes in beslag. Deel de capaciteit door de bestandsgrootte en je weet hoeveel foto's erop passen. Dat is de theorie.

De praktijk is ingewikkelder, omdat de bestandsgrootte van een foto niet vast is. Een RAW-bestand van een Fujifilm X-T5 is groter dan een RAW-bestand van een instap spiegelloze camera, simpelweg omdat de sensor meer megapixels heeft. Een gecomprimeerd RAW-bestand is kleiner dan een ongecomprimeerd RAW-bestand van dezelfde camera. En een JPEG is veel kleiner dan een RAW, maar de grootte varieert ook nog eens afhankelijk van het onderwerp: een foto van een druk tafereel met veel detail heeft meer data dan een foto van een egale muur.

Daar komt bij dat de opgegeven capaciteit van een geheugenkaart nooit precies klopt. Een kaart van 64 GB heeft in werkelijkheid iets minder bruikbare ruimte, omdat een deel wordt gebruikt voor het bestandssysteem.

Het resultaat is dat de schatting van je camera, die 47 opnames die ik noemde, een ruwe indicatie is. Soms klopt hij redelijk, soms zit hij er ver naast.

Wat het in de praktijk betekent

Ik fotografeer met de Fujifilm X-T5, een camera met 40 megapixel. RAW-bestanden van die camera zijn groot. Een ongecomprimeerd RAW-bestand zit al snel op 80 MB. Gecomprimeerd kom ik uit op 40 tot 50 MB per foto.

Op een kaart van 128 GB passen dan ruwweg 2500 tot 3000 gecomprimeerde RAW-bestanden. Dat klinkt als veel, maar als je een dag straatfotografie doet en je maakt 500 foto's, heb je na vijf zulke dagen je kaart vol. En als je ook video opneemt, gaat het veel sneller.

Voor JPEG-shooters ligt het anders. Een JPEG op hoge kwaliteit van dezelfde camera is misschien 15 tot 20 MB. Op dezelfde kaart van 128 GB passen dan 6000 tot 8000 bestanden. Ruim genoeg voor de meeste situaties.

Het punt is: weten wat je kunt verwachten helpt je om de juiste kaart mee te nemen en om op het juiste moment te wisselen, niet als je camera je vertelt dat het te laat is.

Welke kaart heb je nodig

Capaciteit is één ding, snelheid is een ander. Een geheugenkaart heeft twee snelheden die er toe doen: de leessnelheid en de schrijfsnelheid. De schrijfsnelheid bepaalt hoe snel je camera gegevens naar de kaart kan schrijven. Als je snel achter elkaar fotografeert, ook wel burst shooting genoemd, of als je video opneemt in hoge kwaliteit, heb je een kaart nodig die snel genoeg schrijft om je camera bij te houden.

Een trage kaart in een snelle camera betekent dat je buffer vol loopt. Je camera kan dan even niet fotograferen terwijl hij wacht tot de kaart de data heeft weggeschreven. Op het verkeerde moment is dat vervelend.

Voor de meeste fotografen is een V30-kaart, wat staat voor een minimale schrijfsnelheid van 30 MB per seconde, voldoende. Fotografeer je veel video in 4K of 8K, dan heb je een V60 of V90 nodig.

De geheugenkaart-calculator

Op apps.michielheijmans.com staat een geheugenkaart-calculator die dit voor je doorrekent. Je voert je camera in, je bestandsformaat en de capaciteit van je kaart, en je krijgt een realistische schatting van hoeveel foto's erop passen. De tool is gratis en werkt direct in je browser.

Hij is ook handig als je een nieuwe kaart wil kopen en wil weten welke capaciteit je nodig hebt voor een bepaald type shoot. Je draait de berekening om: hoeveel foto's wil ik kunnen maken, en welke kaart past daarbij?

De calculator is gekoppeld aan de afdrukformaat-tool en de cropfactor-calculator, voor als je toch bezig bent met de technische kant van je uitrusting.

Mijn eigen aanpak

Ik werk altijd met twee kaarten in mijn camera. Niet omdat ik bang ben dat er één stukgaat, al is dat ook een reden, maar omdat ik mijn RAW-bestanden direct naar beide kaarten schrijf. Een dubbele backup, ter plekke, zonder extra handelingen.

Wat ik ook doe: ik formatteer mijn kaarten na elke import. Niet wissen, maar formatteren, want dat is sneller en betrouwbaarder. En ik gebruik kaarten van een merk dat ik vertrouw. Niet de goedkoopste van een onbekend merk, maar ook niet per se de duurste. Ergens in het midden, van een fabrikant die al jaren meeloopt.

Het zijn kleine gewoontes, maar ze hebben me al meerdere keren een gerust gevoel gegeven op het moment dat het erop aankomt.

Voorbereiding is geen garantie

Een volle kaart op het verkeerde moment is irritant maar oplosbaar. Je wisselt, je mist misschien een paar seconden. Erger is een kaart die het begeeft. Dat is zeldzaam, maar het gebeurt.

De beste voorbereiding is niet één grote kaart, maar meerdere kleinere. Als er één uitvalt, verlies je een deel van je beelden, niet alles. En als je weet hoeveel foto's je kunt verwachten per kaart, weet je ook wanneer het tijd is om te wisselen, zonder te wachten tot je camera je dwingt.

Plan je een grote shoot, een bruiloft, een dag in het buitenland, een workshop? Reken het even door. Het kost twee minuten en het scheelt een hoop stress op het moment dat je er het minst op zit te wachten.

Ontdek ook de tools die bij dit onderwerp horen:

Alle tools Belichtingstools Planningstools Zakelijke tools

← Terug naar alle tips